Nederlandstalig nieuwsbericht

Waardestellend archeologisch onderzoek Groot Olmen

[Bron: RACM, 3 juni 2008]

Waardestellend archeologisch onderzoek naar het voorkomen van vroegmiddeleeuwse bewoningssporen in de het duingebied van Groot Olmen
In de periode tussen 23 mei en 7 juni 2005 heeft de RACM te Amersfoort in de duinen van Nationaal Park Zuid-Kennemerland in de gemeente Bloemendaal een waardestellend archeologisch onderzoek uitgevoerd in het deelgebied Groot Olmen, waar vroegmiddeleeuwse bewoningssporen waren bloot gestoven.

RAM 158 J. van Doesburg, met medewerking van F. van der Heijden en een bijdrage van W. Bosman & P. Vos, Natuurontwikkeling Provinciaal Waterleidingbedrijf Noord-Holland. Waardestellend archeologisch onderzoek naar het voorkomen van vroegmiddeleeuwse bewoningssporen in de het duingebied van Groot Olmen, Nationaal Park Zuid-Kennemerland, Provincie Noord-Holland (mei-juni 2005)

De ontdekking van deze sporen hangt samen met een tussen half augustus 2002 en 1 april 2003 in opdracht van de N.V. Provinciaal Waterleidingbedrijf Noord-Holland (PWN) uitgevoerd natuurontwikkelingproject in het duingebied van Bloemendaal. Het waardestellende onderzoek heeft uitgewezen dat zich binnen het onderzoeksgebied een nederzettingsareaal uit de Vroege Middeleeuwen bevindt. Het gaat hierbij om mogelijk drie kleine bewoningskernen die worden omsloten door akkerland.

Deze bewoningskernen bestaan uit een of meerdere door smalle greppels omsloten erven, waarop, gezien de oversnijdingen, in meerdere fasen houten gebouwen hebben gestaan. Op de erven bevonden zich verder kuilen en de resten van houten afrasteringen die als wind- en zandkering fungeerden.

De dateringen van het aardewerk uit de verschillende vondstclusters lijken erop te wijzen dat de oudste bewoningskernen uit de 6e eeuw, een één mogelijk zelfs al uit de 5e eeuw dateert. Deze locaties lijken tot in de 7e eeuw te zijn gebruikt. Twee mogelijke andere bewoningskernen dateren uit de Karolingische tijd, hoewel een daaraan ook wat 7e eeuw aardewerk heeft opgeleverd. Alle gegevens wijzen erop dat het gebied gedurende minimaal 3 eeuwen is gebruikt.

De exacte aard van de bewoning is vooralsnog niet bekend, maar zal vermoedelijk een overwegend agrarisch karakter hebben gehad. De aanwezigheid van akkerlagen met daarin talloze ploegsporen en de afdrukken van runderpoten en paardenhoeven ondersteunen deze gedachte, evenals de vondsten van botten van paarden, runderen, schapen/geiten en varkens.

Het vondstmateriaal is qua samenstelling niet uitgesproken rijk, maar getuigt gezien het relatief hoge percentage importaardewerk en de vondst van fragmenten van maalstenen van tefriet, wel van een zekere participatie in uitwisselings- of handelssystemen. De vondst van enkele ijzerslakken is een indicatie dat er mogelijk sprake is geweest van de productie van ijzeren artefacten ter plaatse. De gaafheid en conservering van de grondsporen, cultuurlagen en mobilia varieert sterk. In sommige terreindelen zijn de archeologische resten goed bewaard gebleven, terwijl deze in andere door vooral wind- en zanderosie in meer of mindere mate zijn aangetast of in enkele gevallen zelfs volledig zijn opgeruimd.

[#] [07 juni 2008, 09:08:35] [Cat.: Merovingische tijd]


Advertenties

Uw klik is geld waard!
Help ArcheoNet online
te houden: bezoek de
onderstaande links!


Zoeken met Google

Houd ArcheoNet online! Zoek met Google:
Google


Disclaimer

Nieuwsberichten worden op internet gezocht, uit dagbladen overgenomen of toegestuurd.
Archeonet is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de artikelen.

De achtergrondfoto is afkomstig van
Museum Het Valkhof.